**1..** Het dagelijks bestuur zal de voorziening beëindigen als:
een persoon die deelneemt aan een voorziening, zijn
verplichtingen als bedoeld in artikel 5 van deze verordening
en/of zijn verplichtingen als bedoeld in artikel 9 van de
WWB, niet nakomt;
een persoon die deelneemt aan een voorziening niet meer tot
de doelgroep bedoeld in artikel 3 van deze verordening
behoort;
het dagelijks bestuur een andere voorziening aanbiedt;
een persoon die deelneemt aan een voorziening neveninkomsten
heeft, die naar oordeel van het dagelijks bestuur betekenen
dat hij in staat is zonder voorziening een plaats te vinden
of te behouden op de arbeidsmarkt.
**2..** Beëindiging van de voorziening kan tevens inhouden: het opzeggen van
de dienstbetrekking, bedoeld in de artikelen 11 en 15 eerste lid of
het beëindigen van de subsidie, bedoeld in de artikelen 12 en 15
tweede lid van deze verordening.
**3..** Wanneer een voorziening (voortijdig) beëindigd is zonder verwijtbare
reden van de deelnemer en niet het beoogde doel heeft gehad, kan het
dagelijks bestuur besluiten enige tijd geen nieuwe voorziening aan
te bieden.
**4..** Het dagelijks bestuur kan besluiten enige tijd geen (nieuwe)
voorziening aan te bieden aan de betrokkene als een eerdere
voorziening door verwijtbaar toedoen van de deelnemer (voortijdig)
beëindigd is.