Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 142233/HA ZA 06-1118 van de rechtbank Arnhem van 25 oktober 2006, 4 juli 2007, 2 juli 2008, 18 februari 2009 en 1 juli 2009;

b. het arrest in de zaak 200.052.133 van het gerechtshof te Arnhem van 27 november 2012.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.