Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 1367579 CV 12-22960 van de kantonrechter te Amsterdam van 5 maart 2013;

b. het arrest in de zaak 200.128.085/01 van het gerechtshof Amsterdam van 22 april 2014.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.