Door de pachtkamer van de rechtbank bedoeld in artikel 48 van de Wet op de rechterlijke organisatie, worden behandeld en beslist alle zaken betreffende
- - **a.** een pachtovereenkomst als bedoeld in de vijfde titel van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
- - **b.** een overeenkomst tot wijziging of beëindiging van een pachtovereenkomst;
- - **c.** een overeenkomst tot het aangaan van een pachtovereenkomst;
- - **d.** een overeenkomst waarbij persoonlijke zekerheid wordt gesteld voor de nakoming van een pachtovereenkomst;
- - **e.** een overeenkomst als bedoeld in de artikelen 399c of 399e van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
- - **f.** een overeenkomst tussen de afgaande en opkomende pachter, verband houdende met de overgang van het bedrijf;
- - **g.** vorderingen tot ontruiming van het gepachte door de pachter of de gewezen pachter en tot opeising van het verpachte van de pachter of gewezen pachter;
- - **h.** vorderingen tot schadevergoeding of betaling van het bedrag, bedoeld in de artikelen 373, eerste en derde lid, en 377, derde en vierde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
- - **i.** vorderingen tot terugbetaling van te veel betaalde pacht;
- - **j.** vorderingen tot vergoeding van schade wegens onrechtmatig gebruik van het gepachte, nadat de pachtovereenkomst is geëindigd.