1. 1. De hoofdstraffen zijn:
    • - a. in geval van misdrijf: jeugddetentie, taakstraf of geldboete;
    • - b. in geval van overtreding: taakstraf of geldboete.
  2. 2. Een taakstraf bestaat uit:
    • - a. een werkstraf, zijnde het verrichten van onbetaalde arbeid of het verrichten van arbeid tot herstel van de door het strafbare feit aangerichte schade, of
    • - b. een leerstraf, zijnde het volgen van een leerproject, of
    • - c. een combinatie van werkstraf en leerstraf.
  3. 3. De bijkomende straffen zijn:
    • - a. verbeurdverklaring;
    • - b. ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen.
  4. 4. De maatregelen zijn:
    • - a. plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
    • - b. maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige;
    • - c. onttrekking aan het verkeer;
    • - d. ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel;
    • - e. schadevergoeding;
    • - f. vrijheidsbeperkende maatregel.