1. 1. In afwijking van artikel 2:8 van de Algemene wet bestuursrecht heeft een belastingplichtige, inhoudingsplichtige of algemeen nut beogende instelling met betrekking tot de berichten van de inspecteur of het bestuur van ’s Rijks belastingen de keuze tussen hetzij verzending van alle berichten langs elektronische weg, hetzij verzending van alle berichten anders dan langs elektronische weg.
  2. 2. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze waarop het elektronische berichtenverkeer plaatsvindt.
  3. 3. In afwijking van de artikelen 2:7, tweede lid, en 2:8 van de Algemene wet bestuursrecht kunnen bij ministeriële regeling berichten, groepen van belastingplichtigen, inhoudingsplichtigen, algemeen nut beogende instellingen of omstandigheden worden aangewezen waarvoor, voor wie, onderscheidenlijk waaronder, geldt dat de inspecteur of het bestuur van ’s Rijks belastingen berichten uitsluitend langs elektronische weg dan wel uitsluitend anders dan langs elektronische weg aan een belastingplichtige, inhoudingsplichtige of algemeen nut beogende instelling verzendt.
  4. 4. Een belastingplichtige of inhoudingsplichtige kan een op grond van het eerste lid gemaakte keuze herzien. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld voor de toepassing van de eerste zin.
  5. 5. Het ontwerp van een ministeriële regeling als bedoeld in het derde lid wordt ten minste vier weken voordat de regeling wordt vastgesteld, overgelegd aan de beide kamers der Staten-Generaal.