Naar hoofdinhoud
1. De indiening van de vorderingen van de obligatiehouders geschiedt bij het kantoor van de Vereeniging of bij een, door de Vereeniging aan te wijzen kantoor, door schriftelijke opgave van naam, aantal, nummer en nominale waarde van de obligaties, vergezeld van de waardepapieren zelf, bestaande uit mantel, talon en niet-verzilverde coupons. 2. De houders zijn bevoegd een ontvangbewijs te vorderen.

Rechtspraak bij dit artikel