In deze wet wordt verstaan onder:

  • - a. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
  • - b. de Raad: de Pensioen- en Uitkeringsraad, bedoeld in artikel 3 van de Wet uitvoering wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen;
  • - c. de Sociale verzekeringsbank: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
  • - d. de pensioengrondslag: de pensioengrondslag, bedoeld in artikel 10;
  • - e. nagelaten betrekkingen: de personen, bedoeld in de artikelen 19, 20 en 34;
  • - f. "minimum-pensioengrondslag": de pensioengrondslag, bedoeld in artikel 10, achtste lid, onder a.