Onze Minister neemt slechts een besluit tot toepassing van artikel 61m, eerste lid, indien:

  • - a. uit de in dat artikel bedoelde overeenkomst blijkt voor welke periode deze geldt, en
  • - b. voor elke toegelaten instelling door die toepassing komt vast te staan welke financiële of andere gevolgen voor haar daaruit voortvloeien.