- **1.** Indien woonruimte in een gebouwde onroerende zaak voorzieningen behoeft als bedoeld in lid 2, kan de rechter op verzoek van de huurder bepalen dat de verhuurder verplicht is deze verbetering op eigen kosten aan te brengen, mits de huurder zich bereid heeft verklaard tot het betalen van een huurverhoging die in redelijke verhouding staat tot deze kosten. Van deze bepaling kan niet ten nadele van de huurder worden afgeweken.
- **2.** Voorzieningen als bedoeld in lid 1 zijn:
- - **a.** het thermisch isoleren van de uitwendige scheidingsconstructies;
- - **b.** het thermisch isoleren van de constructie die de scheiding vormt met de kruipruimte;
- - **c.** het ten behoeve van de verwarmingsinstallatie plaatsen van een verwarmingsketel met een opwekkingsrendement van ten minste 80%, indien de bestaande verwarmingsketel ten minste tien jaren oud is.
Boek 7 › Titel 4 › Afdeling 5 › Paragraaf Onderafdeling 1
Artikel 243 BW
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek Boek 7· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 april 2007
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 243 BW bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon