- **1.** Het bestuursorgaan legt geen bestuurlijke boete op indien tegen de overtreder wegens dezelfde gedraging een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting is begonnen, dan wel een strafbeschikking is uitgevaardigd.
- **2.** Indien de gedraging tevens een strafbaar feit is, wordt zij aan de officier van justitie voorgelegd, tenzij bij wettelijk voorschrift is bepaald, dan wel met het openbaar ministerie is overeengekomen, dat daarvan kan worden afgezien.
- **3.** Voor een gedraging die aan de officier van justitie moet worden voorgelegd, legt het bestuursorgaan slechts een bestuurlijke boete op indien:
- - **a.** de officier van justitie aan het bestuursorgaan heeft medegedeeld ten aanzien van de overtreder van strafvervolging af te zien, of
- - **b.** het bestuursorgaan niet binnen dertien weken een reactie van de officier van justitie heeft ontvangen.
Hoofdstuk 5 › Titel 5.4 › Afdeling 5.4.1
Artikel 5:44 AWB
Onderdeel van Algemene wet bestuursrecht· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2009
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 5:44 AWB bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon