Naar hoofdinhoud

§ 9

Artikel 24

Artikel 24

Onderdeel van Zeebrievenbesluit van Curaçao en Sint Maarten· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010

1. De vervallen of ingetrokken zeebrief wordt door de eigenaar of de rompbevrachter van het zeeschip, of, indien dit document onder de kapitein berust, door deze met de eerste gelegenheid ingezonden aan Onze Minister. 2. Wanneer het schip buiten Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten is vergaan, is gesloopt, blijvend ongeschikt is geworden om te drijven dan wel door rovers of door vijanden is genomen, geen Curaçaos, onderscheidenlijk Sint Maartens zeeschip meer is dan wel de hoedanigheid van Curaçaos, onderscheidenlijk Sint Maartens zeeschip verliest, terwijl het schip buiten Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten is, geschiedt de inzending van de vervallen of ingetrokken zeebrief door tussenkomst van de dichtstbijzijnde Nederlandse diplomatieke of consulaire ambtenaar of, indien het schip in een ander land van het Koninkrijk verbleef, de daartoe in dat land bevoegde ambtenaar. 3. De oorzaak van het vervallen van de zeebrief wordt bij de inzending opgegeven. 4. Voor de ingezonden zeebrief wordt de eigenaar, de rompbevrachter of de kapitein desgevraagd een bewijs van ontvangst uitgereikt. Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse Antillen in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel