Degene aan wie een Curaçaos, onderscheidenlijk Sint Maartens zeeschip in eigendom toebehoort of de rompbevrachter van een zeeschip dat de hoedanigheid van Curaçaos, onderscheidenlijk Sint Maartens zeeschip bezit dan wel degene die hem vertegenwoordigt, bedoeld in artikel 2, tweede lid, of artikel 6, eerste lid, of diens vervanger, bedoeld in artikel 2, tweede lid, onderscheidenlijk artikel 6, eerste lid, is verplicht bij het kantoor waar het zeeschip in het openbaar register is teboekgesteld of in het openbaar rompbevrachtingsregister is ingeschreven, aangifte te doen van het vervallen of de intrekking van een zeebrief op grond van het bepaalde in de artikelen 22 of 23.
Treedt in werking op het tijdstip waarop de artikel I, eerste lid, van de
Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse
Antillen in werking treedt.
§ 9
Artikel 25
Artikel 25
Onderdeel van Zeebrievenbesluit van Curaçao en Sint Maarten· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010