De artikelen 32 tot en met 36 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van:

  • - a. de ambtenaar die is tewerkgesteld in de zin van artikel 9 van de Wet gewetensbezwaren militaire dienst;
  • - b. de ambtenaar die als militair in werkelijke dienst is op grond van een verbintenis bij het reservepersoneel der krijgsmacht of
  • - c. de ambtenaar die op grond van een andere bijzondere verbintenis in werkelijke militaire of daarmee gelijk te stellen dienst is, terzake waarvan dit bij koninklijk besluit is bepaald.