Bij de verkrijging van kentekenplaten door een rechtspersoon worden overgelegd:
een van de in artikel 2, eerste lid genoemd legitimatiebewijzen van de persoon die de kentekenplaten namens de rechtspersoon in ontvangst neemt, met dien verstande dat geen afschrift als bedoeld in artikel 1 hoeft te worden overgelegd, en
de kentekencard, het deel IA of het deel I van het kentekenbewijs, afgegeven voor het kenteken dat op de kentekenplaten is vermeld.
Hoofdstuk 5 a
Artikel 9 b
Verkrijging door een rechtspersoon
Onderdeel van Regeling legitimatievoorschriften tenaamstelling en kentekenplaten· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 april 2014