**1.** Op de korst van kaas, bedoeld in artikel 9 van het Warenwetbesluit Zuivel, mogen kaaskorstbedekkingsmiddelen op basis van minerale was worden aangebracht.
**2.** De in het eerste lid bedoelde kaaskorstbedekkingsmiddelen worden vervaardigd uit:
geraffineerde vaste paraffine;
petrolatum; of
microkristallijne was.
**3.** De paraffine en kristallijne was, bedoeld in het tweede lid, onder a en c, voldoen aan de bij of krachtens het Warenwetbesluit verpakkingen en gebruiksartikelen gestelde zuiverheidseisen.
**4.** Bij de bereiding van de in het eerste lid bedoelde kaaskorstbedekkingsmiddelen mogen, tot een gehalte van ten hoogste 50%, worden toegevoegd:
polyetheen;
polyisobuteen (M >10.000);
copolymeren op basis van etheen en vinylacetaat;
butylrubber;
gecycliseerde rubber;
paraffine-olie, voor zover die voldoet aan de bij of krachtens het Warenwetbesluit verpakkingen en gebruiksartikelen gestelde zuiverheidseisen;
esters van montaanzuren met ethaandiol of 1,3-butaandiol;
gehydrogeneerde colofonium;
pentaerythritolester van gehydrogeneerde colofonium; of
bestanddelen, genoemd in artikel 4, eerste en tweede lid;
alsmede butylhydroxyanisol (BHA), tot ten hoogste 0,02%.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Warenwetregeling kaaskorstbedekkingsmiddelen· Levensmiddelenrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026