In mijn circulaire van 22 september 1995, kenmerk AD95/U915, kondigde ik onder meer aan dat ik bij afzonderlijke circulaire nog nadere informatie zou verstrekken over de wijzigingen in het beloningsbeleid per 1 januari 1997. Bij deze voldoe ik daaraan.
Met de wijziging van het beloningsbeleid per 1 januari 1997 wordt de ruimte voor het management om binnen de salarisschalen in individuele gevallen beloningsbeslissingen te kunnen nemen, vergroot. Hierdoor wordt het mogelijk gemaakt dat aan de ambtenaar – indien en zolang hij uitstekend functioneert – ook een salaris kan worden toegekend dat hoger is dan het maximumsalaris van de voor hem geldende salarisschaal. In samenhang hiermee komt echter ten aanzien van de ambtenaren voor wie een salarisschaal geldt de functioneringstoelage als beloningsinstrument te vervallen. Voor ’lopende’ functioneringstoelagen, toegekend op grond van artikel 12b van het BBRA 1984 zal een overgangsvoorziening worden getroffen. Voor de toelagen, toegekend met toepassing van het tweede lid van artikel 12b, zal gelden dat deze kunnen blijven gelden tot het moment waarop het bevoegd gezag een nieuwe beslissing heeft genomen, doch uiterlijk tot 1 januari 2000. Hier dient het bevoegd gezag dus – eventueel – een afzonderlijke actie te ondernemen. Voor de toelagen, toegekend op grond van het eerste lid van artikel 12b, behoeft een afzonderlijke beslissing niet te worden genomen. Naar hun aard zullen deze toelagen immers in de loop van 1997 van rechtswege aflopen.
De herziening van het beloningsbeleid gaat gepaard met een herstructurering van de salarisschalen van het BBRA 1984. De ambtenaren worden per 1 januari 1997 ingepast in die nieuwe structuur. Bij die inpassing wordt uitgegaan van het salarisbedrag dat de ambtenaar op 1 januari 1997 zou hebben genoten indien geen herstructurering zou hebben plaatsgevonden. Indien in de voor de ambtenaar geldende geherstructureerde salarisschaal een gelijk salarisbedrag voorkomt, dan wordt hij daarop ingepast. Komt een gelijk salarisbedrag niet voor, dan wordt hij ingepast op het naasthogere bedrag daarvan. Omdat de opbouw van de nieuwe schalen (te weten het aantal salarisstappen) in veel gevallen anders is dan de opbouw van de huidige schalen, wijzigt in veel gevallen tevens het salarisnummer. Eén van de bijlagen bij deze circulaire bevat een schematisch overzicht van de inpassingen.
Op grond van de tot stand te brengen algemene maatregel van bestuur tot wijziging van het BBRA 1984 zal de inpassing van de betrokkenen in de nieuwe structuur centraal in de geautomatiseerde salarisadministratie worden verwerkt. Hiervoor behoeven dus geen afzonderlijke maatregelen te worden getroffen door het management1 Het is u wellicht bekend dat u voor uw mededeling hierover aan de ambtenaren gebruik kunt maken van een bijsluiter bij de salarisspecificatie welke in overleg met IVOP Informatievoorziening wordt ontworpen. . In dit kader wijs ik u tenslotte nog op het volgende.
De inpassing van de reeds in dienst zijnde personeelsleden in de nieuwe schalenstructuur vindt als regel plaats op de in deze circulaire aangegeven wijze. Dit laat uiteraard onverlet de mogelijkheid van het bevoegd gezag om in het kader van een beleid van bewust belonen eventueel een voor de ambtenaar gunstiger beslissing te nemen. Die beslissing dient dan uiteraard afzonderlijk aan betrokkene te worden kenbaar gemaakt.
Artikel 1
Inleiding/managementinformatie
Onderdeel van Herziening beloningsbeleid sector Rijk per 1-1-1997· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1997