1. 1. Onvervreemdbaar en niet vatbaar voor verpanding en belening zijn:
    • - a. de arbeidsongeschiktheidsuitkering;
    • - b. de verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 3:9;
    • - c. de vakantie-uitkering;
    • - d. de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 3:10.
  2. 2. Volmacht tot ontvangst van een uitkering onder welke vorm of welke benaming ook verleend, is steeds herroepelijk.
  3. 3. Elk beding, strijdig met dit artikel, is nietig.