Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf B

Artikel 8

Artikel 8

Onderdeel van Keuringsreglement COKZ kaas· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 oktober 1998

1. De eerste bereider van kaas, uitgezonderd boerenkaas is verplicht, dagelijks, voor elke bak of charge kaas een unieke codering toe te kennen en per bak of charge afzonderlijk, aantekening te houden van: bij de bereiding: de datum van de eerste dag van de bereiding; de kaassoort danwel de naam van de kaas; het aantal kazen; indien de kaas is voorzien van een rijkskaasmerk, de letters en volgnummers van de, in de vorm van een caseïneplaatje, aangebrachte rijkskaasmerken; indien de kaas niet direct bij de bereiding is voorzien van een rijkskaasmerk, de unieke codering per kaas. Zodra het rijkskaasmerk is aangebracht dient de koppeling tussen het rijkskaasmerk en de unieke codering per kaas duidelijk te zijn. het totale gewicht van de kaas op de vijftiende dag volgend op de eerste dag van de bereiding, dan wel indien het kaas betreft, welke op een ouderdom van minder dan vijftien dagen wordt afgeleverd, het totale gewicht van de kaas op de dag van aflevering; bij aflevering voor elke aflevering afzonderlijk: de datum van aflevering; het aantal kazen en het totale gewicht van de kaas; de naam en de plaats van vestiging van de afnemer. 2. Door of namens het bestuur kunnen aanwijzingen worden gegeven omtrent de wijze waarop de in het eerste lid bedoelde administratie moet worden gevoerd.

Rechtspraak bij dit artikel