Voorliggende circulaire vormt een nadere uitwerking van de circulaire van 4 april 1997 (FBZ/PBIZ 96700), waarin ik u mijn beleid inzake eigendomsverhoudingen in de gezondheidszorg heb uiteengezet. De circulaire van 4 april 1997 zend ik u hierbij ter herinnering nogmaals toe.
Doel van deze nadere circulaire is in de eerste plaats om aan te geven in welke gevallen volledig eigendom en in welke gevallen huur de door mij gewenste eigendomsverhouding is. In de tweede plaats om enkele zaken te verhelderen waarover sinds de circulaire van 4 april 1977 veelvuldig vragen zijn gerezen. Het betreft met name:
het aangeven van het beoordelingskader bij situaties waarbij geen sprake is van volledig eigendom en de desbetreffende soorten van voorzieningen (paragraaf 2);
specifieke situaties (paragraaf 3);
de inhoud van de contracten bij onvolledig eigendom (paragraaf 4);
de juridische verankering en de handhaving (paragraaf 5).
De beoordelingsmethodiek, die op hoofdlijnen al staat beschreven in de circulaire van 4 april 1997, heb ik opgesteld aan de hand van uitvoeringstoetsen die door het College voor ziekenhuisvoorzieningen (College), het Centraal Orgaan Tarieven Gezondheidszorg (COTG), en de Ziekenfondsraad (ZFR) aan mij zijn toegezonden.
Artikel 1
Inleiding
Onderdeel van Verschaffen van informatie inzake eigendomsverhoudingen binnen de gezondheidszorg in Nederland· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 8 april 1999