Zoals hiervoor al aan de orde is geweest ontvangen directieleden die op grond van artikel I-Q106 van het RPBO met ingang van 1 augustus 1999 recht hebben gekregen op een hogere maximumsalarisschaal met ingang van 1 januari 2000 (de datum, waarop deze maatregel ingaat) de bij die nieuwe maximumsalarisschaal behorende toelage.
Voor de directeur van een school met 400 of meer, maar minder dan 900 leerlingen en een adjunct-directeur van een school met 200 of meer, maar minder dan 400 leerlingen is het volgende afgesproken. Indien de school reeds in de schooljaren 1997 – 1998, 1998 – 1999 en 1999 – 2000 al 400 of meer leerlingen had , dan wel 200 of meer leerlingen maar minder dan 400 leerlingen, krijgen de directeur, dan wel de adjunct-directeur met ingang van 1 januari 2000 de hogere toelage.
Voldoet de school in de schooljaren 1998 – 1999, 1999-2000 en 2000 – 2001 aan bovenstaande voorwaarde dat geldt de hogere toelage met ingang van het schooljaar 2000 – 2001. Voldoet de school in de schooljaren 1999 -2000, 2000 – 2001 en 2001 – 2002 aan bovenstaande voorwaarde dan geldt de hogere toelage met ingang van het schooljaar 2001 – 2002.
In de CAO is afgesproken dat de toelagen voor de eerste keer per 1 januari 2000 zullen worden toegekend. Vanwege de millenniumovergang is al eerder ( zie Uitleg van 28 juli nr. 18 c) aangekondigd dat het uitvoeren van specifieke maatregelen in januari 2000 zoveel mogelijk moet worden uitgesloten. De maatregel zal daarom in de maand februari met terugwerkende kracht tot1 januari 2000 worden verwerkt.
Een directeur van een basisschool met een normfunctie is benoemd in een normbetrekking.
De voor deze persoon geldende maximumsalarisschaal is schaal 11.
De school heeft al jaren een constant leerlingaantal van 350.
De hoofdregel is dat de hoogte van de toelage wordt vastgesteld aan de hand van de voor de persoon geldende maximumschaal. In dit geval zijn op deze hoofdregel geen uitzonderingen van toepassing. Deze directeur ontvangt een toelage van 100 gulden.
Een adjunct-directeur van een basisschool met een normfunctie is benoemd in een betrekking met werktijdfactor 0,8. De voor deze persoon geldende maximumschaal is schaal 9. De school heeft al gedurende 5 jaar een constant leerlingenaantal van300.
De hoofdregel is dat de toelage wordt vastgesteld aan de hand van de voor de persoon geldende maximumschaal. Omdat in dit geval voldaan is aan de eis dat y (het aantal leerlingen op 1 oktober van het voorafgaande jaar, verhoogd met 3%) gedurende drie jaar groter is dan of gelijk is aan 200 maar kleiner is dan400 is op deze adjunct-directeur de uitzondering van de hogere toelage van 200 gulden van toepassing.
Deze adjunct-directeur is benoemd in een functie met werktijdfactor 0,8. De toelage voor deze persoon bedraagt daarom 0,8 maal 200 gulden is 160 gulden.
Een bestuur heeft 3 scholen onder zich. School A met 100 leerlingen, school B met 155 leerlingen en school C met 185 leerlingen. De leerlingaantallen van deze scholen zijn al 4 jaar constant. Aan school C is een directeur met een normfunctie werkzaam in een normbetrekking en met maximumsalarisschaal10.
Ten behoeve van scholen A en B heeft het bestuur een fulltime bovenschoolse directeur benoemd, die tevens belast is met de huishoudelijke leiding op school A en B. Op school B is een fulltime adjunct-directeur benoemd in een normbetrekking.
Aan deze scholen is geen directeur met een normfunctie verbonden. Er is ook geen personeelslid in een niet-normfunctie die onder leiding van een directeur belast is met directie werkzaamheden. Bovendien is er op school B maar 1 adjunct-directeur. De bovenschoolse directeur komt daarom in aanmerking voor een toelage van 200 gulden. De hoogte van de toelage is niet afhankelijk van de leerlingen aantallen van de scholen A en B.
Op school B komt de adjunct-directeur tevens in aanmerking voor een toelage van 100 gulden.
De hoofdregel is dat de hoogte van de toelage wordt vastgesteld aan de hand van de voor de persoon geldende maximumschaal. Voor de directeur van school C zijn op deze hoofdregel geen uitzonderingen van toepassing. De directeur ontvangt een toelage van 250 gulden. Aan deze school zijn geen andere personeelsleden werkzaam die recht hebben op een toelage.
Artikel 7
Inwerkingtreding
Onderdeel van Voorlichting over de regeling toelagen schoolleiding basisscholen· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 17 november 1999