Voorzover aan de opsporingsambtenaren, bedoeld in de artikelen 141, 142 en 154 van het Wetboek van Strafvordering van het Europese deel van Nederland, bevoegdheden toekomen in verband met het opsporen van feiten, waarvan de rechter bedoeld in de Wet militaire strafrechtspraak kennis neemt, kunnen zij die bevoegdheid buiten het Koninkrijk slechts uitoefenen, voor zover het volkenrecht dit toelaat.
Artikel III van Stb. 2016/470 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.
Hoofdstuk III › § 4
Artikel 25
Artikel 25
Onderdeel van Rijksbesluit uitvoeringsbepalingen militair straf- en tuchtrecht· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2017