Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Arbeidsduur in het Primair Onderwijs

Onderdeel van Verhoging flexibilisering arbeidsduur· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 13 december 2000

De normjaartaak bedraagt 1659 uur en zal geen wijziging ondervinden. Voor personeel dat de adv op reguliere wijze opneemt (jaarverlof) is de invulling van de arbeidsduur als volgt: Arbeidsduur Feitelijk te werken Deskundigheids-bevordering Maximale Lessentaak Minimale -niet Lessentaak Adv-verlof Les-adv Feitelijke Maximale Lessentaak 1790 1659 166 1010 563 131 80 930 1710 1659 166 961 563 51 31 930 Bij afsluiting van het akkoord is de wens uitgesproken dat bestaande mogelijkheden voor flexibilisering van de arbeidsduur optimaal worden benut. Deze mogelijkheden staan open voor alle personeelscategorieën (onderwijsgevend, onderwijsondersteunend en directie). Bestaande mogelijkheden zijn: Arbeidsduur Feitelijk te werken Deskundigheidsbevordering Maximale Lessentaak Minimale -niet Lessentaak Adv-Spaarverlof Les-adv Feitelijke Maximale Lessentaak 1790 1790 179 1010 601 131 (80) 1010 1710 1710 171 961 578 51 (31) 961 Met ingang van 1 augustus 1998 bestaat de mogelijkheid om, bij een normbetrekking, 51 uur, respectievelijk 131 uur, adv-verlof te sparen in het kader van de regeling spaarverlof. Zoals aangegeven in de CAO, sector onderwijs (PO, VO, BVE) 2000-2002, is voor het primair onderwijs afgesproken dat werknemers de mogelijkheid krijgen om op hun verzoek in overleg met de werkgever de 51 adv-uren (31 uren les-adv) die per 1 augustus 1998 zijn ingevoerd, om te zetten in bezoldigde werkzaamheden (verzilvering 51 uren adv-verlof). Deze keuze dient per schooljaar plaats te vinden. Deze mogelijkheid is per 1 augustus 2000 van kracht geworden.

Rechtspraak bij dit artikel