Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Standpunt

Onderdeel van Loonbelasting en premieheffing volksverzekeringen, achterwege laten inhouding loonheffing au-pairs· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2001

De resultaten van het onderzoek hebben mij aanleiding gegeven ten aanzien van au-pairs de navolgende regeling te treffen. Ik keur om doelmatigheidsredenen voorzover nodig goed dat de inhouding van loonbelasting/premie volksverzekeringen en de daarmee samenhangende verplichtingen ten aanzien van een au-pair achterwege kunnen blijven indien: het een au-pair betreft waarvoor op grond van de Wet arbeid vreemdelingen en de Uitvoeringsregels Wet arbeid vreemdelingen geen tewerkstellingsvergunning is vereist; de beloning die de au-pair voor de te verrichten werkzaamheden in de huishouding en terzake van de verzorging en opvang van kinderen van het gastgezin ontvangt uitsluitend of nagenoeg uitsluitend bestaat uit: kost en inwoning; een vergoeding voor ziektekosten- en aansprakelijkheidsverzekeringen; een geldbedrag van maximaal f 750 (€ 340) per maand, dat mede dient ter bestrijding van de door de au-pair te maken kosten voor reizen van en naar Nederland en bemiddelings-, inschrijvings-, visumkosten en andere direct met de (aanvaarding van de) dienstbetrekking samenhangende kosten; de onder letter b bedoelde beloningen en de hoogte van het geldbedrag vastgelegd worden in een tussen de au-pair en het gastgezin te sluiten overeenkomst; de au-pair geen ander belastbaar inkomen geniet in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001.

Rechtspraak bij dit artikel