Naar hoofdinhoud
Indien op grond van een belastingverdrag het heffingsrecht over de vergoeding toekomt aan het verdragsland, is daarover in Nederland geen belasting verschuldigd. Voor de toepassing van de belastingverdragen wordt er in verband met het gestelde in punt 5 van uitgegaan dat ten aanzien van de EU-fellows sprake is van een ambtelijke aanstelling of een echte, privaatrechtelijke dienstbetrekking. Bij de toepassing van de belastingverdragen zijn van belang het arbeidsartikel (7.2), het overheidsartikel (7.3) en, indien aanwezig, het zogenaamde hooglerarenartikel (7.4). Op grond van het arbeidsartikel zijn inkomsten uit niet-zelfstandige arbeid in beginsel belast in de werkstaat. Op grond van het overheidsartikel zijn overheidsbeloningen in beginsel belastbaar in de kasstaat. De hooglerarenbepaling houdt in het algemeen in dat hoogleraren, docenten en wetenschappelijke onderzoekers van een staat die zich naar een andere staat begeven om aldaar gedurende een beperkte periode (meestal twee jaar) onderwijs te geven of wetenschappelijk onderzoek te verrichten aan een universiteit of andere onderwijsinstelling of researchinstituut, voor de ter zake ontvangen beloning in die andere staat worden vrijgesteld van belasting. Voorwaarde voor toepassing van de hooglerarenbepaling is dat de betrokken persoon geen inwoner van de werkstaat (i.c. Nederland) wordt gedurende zijn verblijf in de werkstaat. Indien de hooglerarenbepaling toepassing mist of het van toepassing zijnde belastingverdrag geen hooglerarenbepaling kent dan wel de hooglerarenbepaling is beperkt tot het geven van onderwijs, komt aan Nederland het heffingsrecht toe, hetzij op grond van het arbeidsartikel, hetzij op grond van het overheidsartikel.

Rechtspraak bij dit artikel