Naar hoofdinhoud

Artikel 5

: Geweren/munitie die op de jachtakte mogen worden bijgeschreven

Onderdeel van Circulaire Afgifte jachtakten Flora- en faunawet· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 24 mei 2002

Indien aan de hiervoor vermelde eisen is voldaan, kan in beginsel een jachtakte worden verleend. De geweren die op de jachtakte mogen worden bijgeschreven dienen echter wel te voldoen aan de eisen omtrent kaliber en de te bezigen munitie. In het Jachtbesluit zijn in de artikelen 12 en 13 regels opgenomen omtrent het kaliber van geweren en de te bezigen munitie. In het Besluit beheer en schadebestrijding dieren zijn in artikel 7 eveneens regels opgenomen omtrent het kaliber van geweren en de te bezigen munitie. Alleen geweren/munitie die aan bedoelde eisen voldoen mogen op de jachtakte worden bijgeschreven. In artikel 13, tweede lid, van het Jachtbesluit is bepaald dat hagelpatronen die metallisch lood bevatten, niet zijn toegestaan. Het is dus niet toegestaan dat hagelpatronen die metallisch lood bevatten op de jachtakte worden bijgeschreven. Voor het voorhanden hebben van hagelpatronen die metallisch lood bevatten voor gebruik op de schietbaan, kan een apart verlof worden aangevraagd op grond van de Wet wapens en munitie. Indien dit verlof wordt verleend hoeft er geen apart verlofdocument te worden afgegeven maar kan er worden volstaan met een aantekening op de jachtakte zoals dit ook gebeurde onder de werking van de Jachtwet2Artikel 40 Wet wapens en munitie.. Voor bijschrijving van geweren/munitie die in het kader van beheer en schadebestrijding worden gebruikt, dient men aannemelijk te maken dat er sprake is van een redelijk belang om dergelijke wapens/munitie voorhanden te houden en te gebruiken. Onverminderd de overige bepalingen van de Flora- en faunawet is er sprake van een redelijk belang in de volgende gevallen: bij gebruik van een vergunning of ontheffing verleend krachtens de Vogelwet 1936, de Jachtwet en artikel 25 van de Natuurbeschermingswet, voorzover de vergunning of ontheffing nog van kracht is; bij gebruik van een ontheffing die verleend is krachtens artikel 68 Flora- en faunawet; bij uitoefening van de bevoegdheden verleend op grond van artikel 67 Flora- en faunawet of indien kan worden aangetoond dat niet langer dan drie jaar voor het tijdstip van het verzoek tot bijschrijving op de jachtakte gebruik is gemaakt van een vergunning of ontheffing als bedoeld onder 1, 2 of 3. Het redelijk belang kan worden aangetoond door overlegging van een kopie van de betreffende ontheffing, vergunning of opdracht. Indien een ontheffing, vergunning of opdracht is verleend aan een Wildbeheereenheid, een Faunabeheereenheid of een andere rechtspersoon, dient aangetoond te worden dat men tot het gebruik daartoe gerechtigd is. Dat kan bijvoorbeeld door aan te tonen dat men een bij de betreffende Wildbeheereenheid of Faunabeheereenheid aangesloten jachthouder is. Uit de betreffende ontheffing, vergunning of opdracht moet blijken dat het gebruik van groot-kaliber wapens en munitie is toegestaan. Het moet dus gaan om een ontheffing, vergunning of opdracht om dieren te doden, waarbij het dieren betreft waarvoor het betreffende groot-kaliber geweer en munitie is toegestaan. Onder de Jachtwet was het gebruikelijk gastjagers uit te nodigen om te assisteren het benodigde afschot te realiseren. Ook onder de Flora- en faunawet blijft dit onder voorwaarden mogelijk. Onder de Flora- en faunawet blijft het mogelijk om anderen te verzoeken om ondersteuning te verlenen bij de uitvoering van de bevoegdheden in het kader van beheer en schadebestrijding. Het verlenen van ondersteuning bij de uitvoering van bevoegdheden in het kader van beheer en schadebestrijding is mogelijk onder de volgende voorwaarden: De mogelijkheid tot ondersteuning dient in de ontheffing, die op grond van artikel 68 van de Flora- en faunawet wordt verleend, of in de opdracht als bedoeld in artikel 67 Flora- en faunawet te zijn opgenomen; schriftelijke uitnodiging om bij de uitvoering van de op grond van de artikelen 67 of 68 van de Flora- en faunawet verleende ontheffing ondersteuning te verlenen; onverminderd artikel 67, vierde lid, Flora- en faunawet, schriftelijke toestemming van de grondgebruiker voor het betreden van zijn grond; ondersteuning is alleen mogelijk in aanwezigheid van de betreffende jachtaktehouder. Het zogenaamde incidentele gebruik van groot-kaliber wapens in het kader van ondersteuning ten behoeve van beheer en schadebestrijding is een redelijk belang. Er is sprake van een redelijk belang in de volgende gevallen: indien kan worden aangetoond dat ondersteuning wordt verleend bij de uitoefening van bevoegdheden op grond van een vergunning verleend krachtens de Jachtwet, voorzover de vergunning nog van kracht is; indien kan worden aangetoond dat ondersteuning wordt verleend bij de uitoefening van bevoegdheden verleend op grond van de artikelen 67 of 68 van de Flora- en faunawet of indien kan worden aangetoond dat niet langer dan drie jaar voor het tijdstip van het verzoek tot bijschrijving op de jachtakte ondersteuning is verleend bij de uitoefening van bevoegdheden als bedoeld onder 1 en 2. Ondersteuning kan worden aangetoond door overlegging van schriftelijke bewijzen, zoals een uitnodiging of verzoek tot ondersteuning of een verklaring van degene die daartoe bevoegd is dat de aanvrager is uitgenodigd/verzocht tot ondersteuning, een kopie van de betreffende vergunning of ontheffing en voorzover van toepassing een schriftelijke toestemming van de grondgebruiker aan de ondersteunende jachtaktehouder voor het betreden van zijn grond in het kader van beheer en schadebestrijding als bedoeld in de Flora- en faunawet. Indien het bewijs is overgelegd, dan is er sprake van een redelijk belang voor bijschrijving van de voor het noodzakelijk afschot benodigde wapens en munitie. Gelet op het feit dat gedeputeerde staten nog niet in staat zijn geweest om de benodigde ontheffingen te verlenen op grond van artikel 68 van de Flora- en faunawet, kan in 2002 een redelijk belang ook aannemelijk worden gemaakt, door overlegging van de aanvraag voor een ontheffing ex artikel 68 van de Flora- en faunawet. Tegen de weigering om een groot kaliber geweer bij te schrijven op de jachtakte in verband met het ontbreken van een redelijk belang kan uitsluitend bezwaar worden aangetekend bij de korpschef die het betreffende besluit heeft genomen. Administratief beroep bij de Minister van Justitie kan niet worden ingesteld, tenzij er sprake is van een situatie van 'vrees voor misbruik' (zie artikel 42, vierde lid, van de Flora- en faunawet en paragraaf 3, onder 'Bezwaar en beroep' van deze circulaire). Op de jachtakte mogen alleen wapens en munitie worden bijgeschreven die in het kader van de jacht of beheer en schadebestrijding op grond van de Flora- en faunawet in Nederland worden gebruikt. Wapens en munitie die uitsluitend worden gebruikt in het buitenland kunnen niet op de jachtakte worden bijgeschreven. Een redelijk belang in het kader van jacht of beheer en schadebestrijding in Nederland in de zin van de Flora- en faunawet ontbreekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel