**1.** Binnen tien dagen na de beslissing van Onze Minister tot gehele of gedeeltelijke inwilliging van het verzoek om overlevering wordt de opgeëiste persoon op een door Onze Minister in overleg met het Strafhof vastgestelde tijd en plaats ter beschikking van het Strafhof gesteld.
**2.** Een overeenkomstig artikel 26 bevolen vrijheidsbeneming kan tot de feitelijke overlevering worden voortgezet.
**3.** Na een afwijzende beslissing van Onze Minister gelast de officier van justitie de beëindiging van de vrijheidsbeneming zodra hij kennis heeft gekregen van die beslissing.
Hoofdstuk 2 › § 5
Artikel 33
Artikel 33
Onderdeel van Uitvoeringswet Internationaal Strafhof· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2002