Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › § 5

Artikel 34

Artikel 34

Onderdeel van Uitvoeringswet Internationaal Strafhof· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2002

1. Indien zulks voor de toepassing van artikel 33, eerste lid, of 35, tweede lid, noodzakelijk is, wordt de opgeëiste persoon op bevel van de daartoe door Onze Minister aangeschreven officier van justitie aangehouden voor ten hoogste drie dagen. Indien de overlevering niet binnen de termijn van drie dagen heeft kunnen plaatsvinden, kan het bevel tot aanhouding door de officier van justitie eenmaal voor ten hoogste drie dagen worden verlengd. 2. Na verlenging van de in het eerste lid bedoelde termijn door de officier van justitie, kan deze uitsluitend op vordering van de officier van justitie door de rechter-commissaris met vier dagen worden verlengd. Deze verlenging kan slechts geschieden wanneer de overlevering door bijzondere omstandigheden niet binnen de termijn van zes dagen heeft kunnen plaatsvinden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel