- **1.** Onze Minister kan een bestuurlijke boete opleggen ter zake van overtreding van de artikelen 26a, eerste, tweede en vierde lid, 26c, 26ca, derde lid, 26k, eerste lid, 26q, eerste en tweede lid, 26r, vierde lid, 26s, tiende lid, 26y, 26aa, derde lid, laatste volzin, en vijfde lid, 51, vierde lid, 53, 65, tweede lid, 74a, 96, tweede lid, en 96a, alsmede ter zake van de overtreding van de krachtens de hoofdstukken 1, 2, 2a en de artikelen 35, 64, tweede lid, 65, eerste lid, 81, tweede lid, en hoofdstuk 6, paragraaf 9 vastgestelde voorschriften, voor zover die overtreding daarbij uitdrukkelijk als beboetbaar feit is aangemerkt.
- **2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid.
- **3.** Een overtreding die krachtens het eerste lid als beboetbaar feit is aangemerkt, wordt niet tevens als strafbaar feit krachtens artikel 87, eerste lid, aangemerkt.
Hoofdstuk 6 › § 3
Artikel 77 Spoorwegwet
Onderdeel van Spoorwegwet· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2024
Bewaren kan ook zonder account
Verwijzingen
- artikel 26a, eerste, tweede en vierde lid
- artikel 26c
- artikel 26ca, derde lid
- artikel 26k, eerste lid
- artikel 26q, eerste en tweede lid
- artikel 26r, vierde lid
- artikel 26s, tiende lid
- artikel 26y
- artikel 26aa, derde lid
- artikel 51, vierde lid
- artikel 53
- artikel 65, tweede lid
- artikel 74a
- artikel 96, tweede lid
- artikel 96a
- artikel 35
- artikel 64, tweede lid
- artikel 65, eerste lid
- artikel 81, tweede lid
- artikel 87
Houd art. 77 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon