Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Volmacht en machtiging

Onderdeel van Tijdelijke regeling taken en bevoegdheden plaatsvervangend secretaris-generaal VROM ten behoeve van het reorganisatietraject ZEUS· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 1 december 2003

1. Aan de plaatsvervangend secretaris-generaal wordt volmacht en machtiging verleend voor het verrichten van (rechts-)handelingen, voor zover het aangelegenheden betreft die verband houden met de taken, bedoeld in artikel 3 van deze regeling, waarvan het naar zijn oordeel en te zijner verantwoording niet noodzakelijk is dat de minister of staatssecretaris deze verricht; 2. De plaatsvervangend secretaris-generaal wordt toegestaan het hem verleende mandaat, de hem verleende volmacht of de hem verleende machtiging door te geven aan onder hem ressorterende functionarissen.

Rechtspraak bij dit artikel