Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Thema 1

Onderdeel van Notitie 'Helderheid in de bekostiging van het hoger onderwijs'· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 28 januari 2004

Het gedeeltelijk uitbesteden van bekostigd onderwijs aan een niet door de overheid bekostigde private organisatie, tegen betaling voor de geleverde prestaties. Dus: een universiteit of hogeschool laat een andere organisatie een deel van het onderwijsprogramma verzorgen waarvoor ze door de overheid bekostigd wordt. Dit thema is gericht op uitbesteding van opleidingen die in het Centraal Register Opleidingen Hoger Onderwijs (CROHO) staan en dus opleidingen zijn in de zin van de Wet op het hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek (WHW). Contractonderwijs valt hier buiten, omdat dat een zaak is van de universiteit of hogeschool zelf en ze er ook geen geld voor krijgen van de overheid. Onder dit thema valt uitdrukkelijk niet de samenwerking op het gebied van onderwijs en onderzoek met andere bekostigde instellingen, met onderzoeksinstituten of met academische ziekenhuizen. Uitgangspunt is dat het verzorgen van een deel van het onderwijsprogramma uitbesteed mag worden als een instelling zich aan de wet houdt. Dan gaat het bijvoorbeeld om de eisen omtrent kwaliteit, toegankelijkheid en doelmatigheid van het onderwijs. Een universiteit of hogeschool mag het verzorgen van een deel van het onderwijsprogramma uitbesteden onder de volgende voorwaarden: De uitbestedende instelling zal altijd de kern van het onderwijscurriculum zelf moeten blijven verzorgen. In het jaarverslag moet een instelling goed en duidelijk melden en verantwoorden wat er uitbesteed is. De instelling blijft verantwoordelijk voor alle verplichtingen die in de wet staan. Daar zullen de uitbestedende universiteit of hogeschool (de uitbesteder) en de uitvoerende partij (de uitvoerder) heldere afspraken over moeten maken. De hoogte van de door de uitvoerder in rekening te brengen kosten moet in redelijke verhouding staan met wat hij moet doen. Het is de verantwoordelijkheid van de uitbesteder om afspraken te maken die de kosten van de uitvoerder dekken. Er mag door de uitbesteding geen concurrentievervalsing ontstaan. Een aantal wettelijke bepalingen is rechtstreeks van toepassing. Dat betekent onder andere dat een toets op de doelmatigheid van de opleiding wordt gedaan op de plaats waar de opleiding verzorgd wordt: bij de uitvoerder dus. De verantwoordelijkheden en verplichtingen van de uitbesteder moeten worden doorgecontracteerd naar de uitvoerder. Dat betekent bijvoorbeeld dat de uitvoerder de Onderwijsinspectie, een visitatiecommissie of de departementale Accountantsdienst moet toelaten. De ”Europese richtlijn voor overheidsopdrachten diensten” is onverkort van toepassing. Voor een student zal volkomen helder moeten zijn dat hij als student is ingeschreven aan een opleiding van een bekostigde instelling, waar hij ook zijn collegegeld dient te voldoen. Aanpassing van de richtlijn voor het verslag waarin verantwoording ten aanzien van de uitbesteding wordt voorgeschreven. De aangepaste richtlijn is voor het eerst van toepassing bij het verslag over het begrotingsjaar 2003. De richtlijn zal voor 1 november van dit jaar worden aangepast.

Rechtspraak bij dit artikel