Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Reiskosten bij dienstreizen (po)

Onderdeel van Financiële arbeidsvoorwaarden per 1 januari 2004· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 11 februari 2004

In het artikel 64, het tweede lid, onderdeel a, van het Rpb WPO/WEC is bepaald dat voor de vergoeding van de eerste 10000 kilometer bij dienstreizen het bedrag dat per gereisde kilometer in het desbetreffende kalenderjaar wordt gereisd, belastingvrij mag worden toegekend. Dit bedrag bedroeg 28 cent tot 1 januari 2004. De minister van Financiën heeft het belastingvrije bedrag per kilometer per 1 januari 2004 vastgesteld op 18 cent. Dit betekent dat vanaf 1 januari 2004 voor de eerste 10000 km dit bedrag per kilometer mag worden vergoed. In de positieve zin mag hier niet van worden afgeweken. In de Regeling vergoeding van reis- en verblijfkosten bij dienstreizen voor onderwijspersoneel is verder bepaald dat vanaf 10001 kilometer tot en met 20000 21 cent wordt vergoed en vanaf 20001 kilometer 18 cent. Deze bedragen blijven van kracht met dit verschil dat bij een vergoeding vanaf 10001 kilometer tot en met 20000 kilometer (21 cent) de 3 cent boven het belastingvrije bedrag tot het loon wordt gerekend. Over dit loon vindt loonheffing plaats en worden de premies (sociale) werknemersverzekeringen berekend en ingehouden. Als een bestuur er voor kiest naast de in genoemde regeling te vergoeden bedragen een aanvullende vergoeding te geven, dan dient dit plaats te vinden in de vorm van een tegemoetkoming, bedoeld in artikel 106 van het Rpb WPO/WEC, danwel als een toelage, bedoeld in artikel 114 van het Rpb WPO/WEC. Ook over dit bedrag vindt loonheffing plaats en worden de premies (sociale) werknemersverzekeringen berekend en ingehouden. De centrales van overheids- en onderwijspersoneel zullen de vergoeding voor dienstreizen aan de orde stellen in het komende overleg met OCW over de arbeidsvoorwaarden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel