1. 1. De leden van de raad hebben zitting zonder last.
  2. 2. Een lid van de raad onthoudt zich van deelneming aan de behandeling van een onderzoek dat:
    • - a. hemzelf of een van zijn bloed- of aanverwanten tot en met de vierde graad aangaat;
    • - b. een instelling of rechtspersoon betreft waarbij hij werkzaam is of belang heeft;
    • - c. een voorval betreft waarbij hij op enigerlei wijze betrokken is geweest.