1. 1. Het werkprogramma, bedoeld in artikel 71, de verantwoording, bedoeld in artikel 73a, eerste lid, en de jaarrekening, bedoeld in artikel 74, behoeven de goedkeuring van Onze Minister.
  2. 2. In afwijking van het eerste lid en van artikel 29, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, behoeven wijzigingen in een goedgekeurde begroting geen goedkeuring van Onze Minister, mits:
    • - a. de totale omvang van de begroting geen wijziging ondergaat, en
    • - b. de wijziging per groep van kostensoorten en baten, gerekend over het desbetreffende begrotingsjaar, een bedrag van 5 procent van het in artikel 72 bedoelde budget niet te boven gaat.
  3. 3. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over:
  4. 4. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop en de voorwaarden waaronder het budget, bedoeld in artikel 72, wordt vastgesteld.