Naar hoofdinhoud

Artikel VII

De selectie van kandidaten ten behoeve van de vertrouwenscommissie

Onderdeel van Circulaire procedureregels bij benoeming commissaris van de Koningin· Staats- en bestuursrecht

Deze tekst geldt sinds 2 november 2005

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verstrekt de vertrouwenscommissie een opgave in alfabetische volgorde van degenen die naar het ambt van commissaris van de Koningin hebben gesolliciteerd, vergezeld van zijn oordeel over kandidaten die hij in beginsel geschikt acht voor benoeming. Hij voegt afschriften van de sollicitatiebrieven van laatstbedoelde kandidaten bij. De minister informeert desgevraagd de vertrouwenscommissie over de criteria die hij heeft gehanteerd bij zijn selectie van kandidaten. Indien de vertrouwenscommissie daarom verzoekt, geeft de minister zijn oordeel over andere kandidaten. Hij verstrekt de commissie desgevraagd afschriften van de sollicitatiebrieven van deze kandidaten. De minister stelt de door hem verkregen inlichtingen over kandidaten ter beschikking van de vertrouwenscommissie. De minister informeert de door hem geselecteerde sollicitanten over het feit dat zij door hem zijn geselecteerd en dat hun namen aan de vertrouwenscommissie zijn doorgegeven. De minister stelt tegelijkertijd de niet-geselecteerde sollicitanten schriftelijk op de hoogte van het feit dat zij niet tot zijn selectie behoren. Een niet-geselecteerde sollicitant kan zich rechtstreeks tot de vertrouwenscommissie wenden met het verzoek om door haar te worden uitgenodigd. De vertrouwenscommissie beslist zo spoedig mogelijk op het verzoek en stelt verzoeker schriftelijk op de hoogte van haar beslissing. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte. De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.

Rechtspraak bij dit artikel