De vertrouwenscommissie verschaft zich door tussenkomst van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de door haar nodig geachte informatie over kandidaten.
De vertrouwenscommissie voert gesprekken met de door de minister geselecteerde kandidaten en eventueel overige op de lijst van sollicitanten voorkomende kandidaten, die hetzij zich eigener beweging tot de commissie hebben gewend, hetzij door de commissie worden uitgenodigd. Indien de commissie besluit een door de minister geselecteerde kandidaat niet te ontvangen, worden de minister en de kandidaat door haar schriftelijk van de beslissing op de hoogte gesteld.
Nadat de vertrouwenscommissie haar standpunt over de geschiktheid van de door haar ontvangen kandidaten heeft bepaald, brengt zij schriftelijk verslag uit van haar bevindingen aan de staten. Zij doet het verslag aan de staten vergezeld gaan van een concept-aanbeveling van tenminste twee kandidaten die naar haar oordeel voor benoeming in aanmerking komen. De commissie vermeldt daarbij ten aanzien van iedere kandidaat de motieven die tot haar oordeel hebben geleid. Tevens geeft de commissie een beredeneerde volgorde van de kandidaten aan. In het verslag aan de staten kunnen leden van de vertrouwenscommissie van minderheidsstandpunten blijk geven.
De beraadslagingen in de staten over de bevindingen van de vertrouwenscommissie vinden plaats met gesloten deuren. Ten aanzien van de beraadslagingen en de stukken die aan de staten worden gezonden geldt een geheimhoudingsplicht.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel VIII
De bevindingen van de vertrouwenscommissie
Onderdeel van Circulaire procedureregels bij benoeming commissaris van de Koningin· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 2 november 2005