Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Aftrekbare winstuitdelingen aan leden-rechtspersonen

Onderdeel van Vennootschapsbelasting, coöperaties; diverse onderwerpen· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 17 januari 2006

De in artikel 9, eerste lid, onderdeel g, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (hierna Wet VPB 1969) bedoelde uitdelingen van een coöperatie komen op de winst slechts in aftrek voor zover zij zijn toegekend aan leden-natuurlijke personen. Ik keur echter goed dat op een daartoe strekkend (en aan de inspecteur gericht) verzoek artikel 9, eerste lid, onderdeel g, Wet VPB 1969 ook toepassing vindt op uitdelingen aan lichamen onderworpen aan de vennootschapsbelasting, niet zijnde coöperaties, mits: hun aantal niet groter is dan 5; hun aantal bovendien niet meer bedraagt dan 5% van het totaal aantal leden en hun aandeel in de geldswaarde van de omzet van de coöperatie niet meer bedraagt dan 5% van die omzet. Aan de te verlenen goedkeuring verbind ik de voorwaarde, dat bij het door de coöperatie in te dienen verzoek een verklaring van de betrokken rechtsperso(o)n(en) wordt overgelegd waarin deze zich met betrekking tot de heffing van de vennootschapsbelasting ter zake van vorenbedoelde van de coöperatie ontvangen uitdelingen verbind(t)(en), afstand te doen van het recht op de deelnemingsvrijstelling.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel