Onderstaand treft u aan de wijze waarop het proces van wijziging van gegevens omtrent identiteit en nationaliteit van de vreemdeling bij de IND vorm is gegeven. De procedure kent verschillende fasen.
In eerste instantie wordt de vreemdeling door de IND in de gelegenheid gesteld om ten overstaan van de ambtenaar van de IND de juiste identiteits- en nationaliteitsgegevens aannemelijk te maken. Daarbij is van belang of de vreemdeling al dan niet in staat is tot overlegging van (nieuwe) documenten. Indien er geen (nieuwe) documenten worden overgelegd, kan onder bepaalde voorwaarden de vreemdeling ten overstaan van de IND ambtenaar een eigen verklaring afleggen die dient als basis voor de juiste identiteits- en nationaliteitsgegevens. Tenslotte is het denkbaar dat de vreemdeling geen gebruik maakt van de geboden mogelijkheid en blijft bij de door hem oorspronkelijk aangegeven (en geregistreerde) identiteit en nationaliteit. Het voorgaande leidt tot de volgende mogelijkheden:
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De ambtenaar van de IND zal na een gedegen onderzoek een verklaring opstellen waarin wordt gesteld dat in de documenten vermelde gegevens aannemelijk worden geacht in het licht van nader door de IND uitgevoerd onderzoek naar de identiteit en de nationaliteit van de betrokken persoon. De verklaring wordt samen met een kopie van de bijbehorende documenten door de IND schriftelijk toegezonden aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente waar de vreemdeling in de GBA is of moet worden ingeschreven. De schriftelijke verklaring van de IND geldt tevens als bewijs dat de betrokken vreemdeling rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000. Als ingangsdatum van het rechtmatig verblijf geldt altijd conform de regeling 15 juni 2007.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De vreemdeling geeft de IND te kennen geen (nieuwe) documenten te kunnen overleggen en legt bij de ambtenaar van de IND enkel een eigen verklaring af om de twijfel aan zijn identiteit of nationaliteit weg te nemen. Door de ambtenaar van de IND zal dan gedegen worden onderzocht of de opgegeven identiteit en nationaliteit aannemelijk kunnen worden geacht in het licht van het eerdere onderzoek van de IND. Tevens wordt nagegaan of betrokkene daadwerkelijk niet in staat is om binnen een redelijke termijn aan de noodzakelijke documenten te komen en derhalve geacht moet worden in bewijsnood te verkeren. Daarbij zijn verschillende situaties denkbaar:
B.1. In het geval de door de vreemdeling opgegeven identiteit en nationaliteit aannemelijk worden geacht en tevens wordt geoordeeld dat er sprake is van bewijsnood, zal de ambtenaar van de IND een verklaring van die strekking opstellen. In de verklaring zal worden gesteld dat de in de eigen verklaring van de vreemdeling genoemde gegevens aannemelijk worden geacht in het licht van nader door de IND uitgevoerd onderzoek naar de identiteit en de nationaliteit van de betrokken persoon. De verklaring wordt samen met een kopie van de eigen verklaring van de vreemdeling door de IND schriftelijk toegezonden aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente waar de vreemdeling in de GBA is of moet worden ingeschreven.
B.2. Indien de door de vreemdeling in zijn eigen verklaring opgegeven identiteit en nationaliteit naar het oordeel van de IND weliswaar aannemelijk worden geacht, maar de ambtenaar van de IND van oordeel is dat de vreemdeling niet in bewijsnood verkeert omdat hij wel documenten kan verkrijgen, zal aan de vreemdeling alsnog worden verzocht deze documenten te overleggen (dan wel deze aan te vragen bij de diplomatieke of consulaire vertegenwoordiging van het gestelde land van herkomst). Mocht de vreemdeling hierin slagen dan maakt de ambtenaar van de IND een verklaring op als bedoeld onder A, die samen met een kopie van de bijbehorende documenten schriftelijk aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente wordt gezonden. Slaagt de vreemdeling hierin niet (of slechts ten dele) en wordt alsnog bewijsnood aangenomen dan wordt door de ambtenaar van de IND een verklaring opgesteld als bedoeld onder B.1. die samen met een kopie van de eigen verklaring van de vreemdeling (en van de documenten voor zover die wel konden worden verkregen) door de IND schriftelijk wordt toegezonden aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente.
B.3. Indien de vreemdeling van wie de in zijn eigen verklaring opgegeven identiteits- en nationaliteitsgegevens aannemelijk worden geacht geen documenten overlegt, maar deze naar het oordeel van de IND wel binnen een redelijke termijn zou moeten kunnen krijgen, zal geen bewijsnood worden aangenomen. In dat geval wordt er geen schriftelijke verklaring door de IND omtrent de identiteits- en nationaliteitsgegevens van de vreemdeling aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente gezonden. De IND zal de vreemdeling in het bezit stellen van een verblijfsdocument op basis van de door de IND vastgestelde identiteit en nationaliteit.
B.4. In het geval de vreemdeling geen (nieuwe) documenten overlegt en de door hem afgelegde verklaring omtrent zijn werkelijke identiteit en nationaliteit na gedegen onderzoek door de ambtenaar van de IND niet aannemelijk wordt geacht, zal er eveneens geen schriftelijke verklaring door de IND omtrent de identiteit en nationaliteit van de vreemdeling aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente worden gezonden. De IND zal de vreemdeling in het bezit stellen van een verblijfsdocument op basis van de door de IND vastgestelde identiteit en nationaliteit.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
In dat geval zal er geen schriftelijke verklaring door de IND omtrent de identiteit en nationaliteit aan de afdeling Burgerzaken van de gemeente worden gezonden. De IND zal de vreemdeling in het bezit stellen van een verblijfsdocument op basis van de door de IND vastgestelde identiteit en nationaliteit.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
Artikel 3
Procedure bij de IND
Onderdeel van Circulaire gevolgen regeling afwikkeling nalatenschap Vreemdelingenwet· Openbare orde en veiligheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 3 september 2007