Indien de Europese Commissie gemeenschappelijke opleidingsbeginselen heeft vastgesteld als bedoeld in titel III, hoofdstuk III bis, van de richtlijn, en er geen vrijstelling is als bedoeld in de artikelen 49 bis, vijfde lid, en 49 ter, vijfde lid, van de richtlijn, verleent Onze Minister die het aangaat automatische erkenning aan beroepskwalificaties op basis van die gemeenschappelijke opleidingsbeginselen, met inachtneming van bij ministeriële regeling te stellen regels. Artikel 33, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 3b
Artikel 30c
Automatische erkenning bij gemeenschappelijke opleidingsbeginselen
Onderdeel van Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 26 augustus 2021