Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 2.1

Artikel 2:1

Artikel 2:1

Onderdeel van Algemene douanewet· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 2016

Ten einde de goede werking van de douanewetgeving te waarborgen, kunnen bij regeling van Onze Minister van Financiën bepalingen worden vastgesteld met betrekking tot: de formaliteiten voorafgaand aan en aangaande het binnenbrengen in en het verlaten van het douanegebied van schepen en luchtvaartuigen en de aan boord van deze schepen en luchtvaartuigen aanwezige goederen; douanekantoren; toeristisch en reizigersverkeer, postverkeer en verkeer van te verwaarlozen economisch belang; goederen en vervoermiddelen als bedoeld in artikel 137 van het Douanewetboek van de Unie; de summiere aangifte, dan wel vervangende kennisgeving, de kennisgeving van aankomst en het aanbrengen; tijdelijke opslag; de douaneaangifte, mede ten dienste van de statistiek van de in-, uit- en wederuitvoer; goederencontrole en verificatie; identificatiemaatregelen, middelen daaronder begrepen; zekerheid; de voorwaarden die gelden bij de overdracht van rechten en plichten als bedoeld in artikel 218 van het Douanewetboek van de Unie; vereenvoudigde procedures inzake Uniedouanevervoer; de summiere aangifte bij uitgaan dan wel kennisgeving wederuitvoer; de berekeningswijze van de kredietrente, de vertragingsrente en de rente op achterstallen. Artikelen XV en XVI van Stb. 2016/163 bevatten overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

Rechtspraak bij dit artikel