Naar hoofdinhoud

Artikel 20

Lijfsdwang

Onderdeel van Leidraad Invordering 2008· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 15 december 2015

In aansluiting op artikel 20 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: de voorwaarden van lijfsdwang; het dreigen met lijfsdwang; toepassing van lijfsdwang; lijfsdwang met vonnis ex artikel 585 Rv; lijfsdwang in geval van civiele vordering. Voor toepassing van lijfsdwang is rechterlijke toestemming vereist. De ontvanger zal hier niet eerder om verzoeken dan na verkregen toestemming van het ministerie. Voor toepassing van deze invorderingsmaatregel bestaat slechts aanleiding als kan worden aangenomen dat: er wel middelen tot betaling of verhaal aanwezig zijn, maar andere dwanginvorderingsmaatregelen niet met succes kunnen worden toegepast; en bovendien de belastingschuldige onwillig is om te betalen dan wel verhaal mogelijk te maken. Lijfsdwang zal alleen worden toegepast voor belastingaanslagen waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat ze materieel verschuldigd zijn. Zolang de rechterlijke toestemming niet is verkregen, blijft elke vorm van dreigen met toepassing van lijfsdwang achterwege. De belastingdeurwaarder brengt het voornemen tot toepassing van lijfsdwang niet in de akte van betekening van een dwangbevel tot uitdrukking. De tenuitvoerlegging van een dwangbevel door toepassing van lijfsdwang vindt niet eerder plaats dan één dag na de betekening met bevel tot betaling als bedoeld in artikel 591, eerste lid, Rv, tenzij de voorzieningenrechter van de rechtbank verlof heeft verleend tot dadelijke tenuitvoerlegging, dan wel sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 15 van de wet. Onderhoudskosten worden in het geval van lijfsdwang de belastingschuldige niet in rekening gebracht. Alleen de kosten van het proces-verbaal van gijzeling en van de akte van ingevangenstelling, met inbegrip van de beloning van de getuigen worden aan de belastingschuldige in rekening gebracht. Ook op grond van artikel 4:124 van de Algemene wet bestuursrecht is lijfsdwang mogelijk, namelijk wanneer een vonnis als bedoeld in artikel 585 Rv is verkregen ten laste van een belastingschuldige dan wel een derde. Al hetgeen is vermeld in artikel 20 van deze leidraad is zoveel mogelijk hierop van overeenkomstige toepassing. De ontvanger heeft de bevoegdheid om een dwangbevel ten uitvoer te leggen door middel van lijfsdwang. Naast deze bevoegdheid kan de ontvanger op grond van artikel 20 van de wet ook lijfsdwang toepassen met betrekking tot civiele vorderingen die strekken tot betaling van schadevergoeding aan de ontvanger in verband met een belastingschuld die niet is voldaan. Al hetgeen is vermeld in artikel 20 van deze leidraad is zoveel mogelijk hierop van overeenkomstige toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel