De tijdelijke doorhaling van de inschrijving, bedoeld in artikel 44, eerste lid, vervalt op het moment dat:

  • - a. het College op grond van artikel 44, tweede lid, de tijdelijke doorhaling opheft; of
  • - b. het College de zaak zelf afdoet op grond van artikel 43i, eerste lid; of
  • - c. de accountantskamer, nadat de zaak op grond van artikel 43i, eerste lid, ter afdoening naar de accountantskamer is verwezen, de tijdelijke doorhaling opheft; of
  • - d. het vonnis van de accountantskamer onherroepelijk wordt nadat de accountantskamer de zaak die op grond van artikel 43i, eerste lid, ter afdoening naar de accountantskamer verwezen is, heeft behandeld.