Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Rechtspositiebesluit Kamers van Koophandel· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2009

1. Een kamer kan in afwijking van artikel 71a, derde lid, van het ARAR haar eigen beoordelingsvoorschriften vaststellen. 2. In afwijking van artikel 2, onderdeel b, van het BBRA wordt onder salaris per uur verstaan: 1/165 deel van het salaris bij een volledige werktijd. 3. Voor de toepassing van hoofdstuk II van het BBRA geldt voor personeel van een kamer dat voor hen de minimum- en maximumsalarisbedragen van de salarisschalen van bijlage B bij het BBRA gelden, welke vermenigvuldigd worden met een factor 38/36. De treden tussen het minimum- en maximumsalaris kunnen worden ingevuld op de bij de kamers gebruikelijke wijze, mits deze tevoren kenbaar is gemaakt en de instemming heeft van het georganiseerd overleg van de kamers. 4. In afwijking van artikel 7, vierde lid, van het BBRA kan een kamer een regeling vaststellen waarbij een salarisverhoging ingaat op een voor het gehele personeel gelijk moment. 5. In afwijking van artikel 5, derde lid, van het BBRA mag een kamer gebruik maken van het functiewaarderingssysteem Universeel Systeem Berenschot. De als gevolg van de uitkomst van de functiewaardering toepasselijke salarisschaal van bijlage B bij het BBRA wordt bepaald aan de hand van de als bijlage bij dit besluit gevoegde Conversietabel Functiewaardering. 6. In afwijking van de Regeling bezwarenprocedure functiewaardering BBRA 1984 kan het bevoegd gezag van een kamer, indien een personeelslid van die kamer bezwaar maakt tegen een vastgestelde waarderingsuitkomst, advies vragen aan een door een kamer aangewezen bezwarencommissie. Een kamer kan in afwijking van artikel 7 van de regeling een eigen regeling treffen met betrekking tot de samenstelling van deze commissie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel