Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Besluit periodieke registratie Wet BIG· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2012

1. Voor de toepassing van artikel 8, eerste lid, van de wet worden de volgende registers aangewezen: het register van verpleegkundigen; het register van fysiotherapeuten; het register van verloskundigen; het register van artsen; het register van tandartsen; het register van apothekers; het register van psychotherapeuten; het register van gezondheidszorgpsychologen. 2. De inschrijving in een register als bedoeld in het eerste lid, wordt doorgehaald indien na de desbetreffende in artikel 8, tweede lid, onderdeel b of c, van de wet bedoelde datum een periode van vijf jaren is verstreken. 3. Uiterlijk zes maanden voor het verstrijken van de periode, genoemd in het tweede lid, stelt Onze Minister de geregistreerde schriftelijk op de hoogte van het naderen van het einde van deze periode. Hierbij wordt de geregistreerde erop attent gemaakt dat diens registratie in het register zal worden doorgehaald, indien voor het verstrijken van de periode, genoemd in het tweede lid, in het register geen aantekening wordt gemaakt als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de wet. 4. Personen van wie de registratie in het register is doorgehaald vanwege het niet voldoen aan de eisen, genoemd in artikel 8, tweede lid, onderdelen b of c, van de wet en die daaruit niet zijn verwijderd op grond van de artikelen 7, onderdelen c of d, of 42, derde lid, van de wet en die niet zijn geschorst op grond van artikel 48, eerste lid, onderdeel d, van de wet mogen hun gewezen titel onder de toevoeging van «niet praktiserend» blijven gebruiken. Artikel II van Stb. 2011/433 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel