**1.** De in artikel 8, tweede lid, onderdeel c, van de wet bedoelde werkzaamheden worden in de in artikel 2 bedoelde periode verricht gedurende minimaal 2080 uren, waarbij de werkzaamheden maximaal voor een periode van twee aaneengesloten jaren kunnen worden onderbroken. In afwijking van de eerste volzin, geldt voor de ingeschrevenen in een register als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder g of h, een periode van minimaal 3120 uren. Indien de werkzaamheden langer dan twee jaren worden onderbroken, worden de werkzaamheden die zijn verricht voor de onderbreking niet meegeteld bij de vaststelling van het aantal gewerkte uren.
**2.** Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld inzake de werkzaamheden die meetellen bij de berekening van het aantal uren waarbinnen werkzaamheden zijn verricht op het terrein van het desbetreffende beroep.
**3.** Voor het vaststellen van het aantal uren waarin de werkzaamheden zijn verricht, worden de uren meegerekend waarop de ingeschrevene op grond van een arbeidsovereenkomst dan wel een aanstellingsbesluit werkzaamheden zou hebben verricht, maar deze niet heeft verricht vanwege:
ziekte, doch dit per jaar tot een maximum van zesmaal de in de arbeidsovereenkomst overeengekomen dan wel in het aanstellingsbesluit vastgestelde arbeidstijd per week;
betaald verlof in verband met vakantie zoals vastgelegd in de arbeidsovereenkomst dan wel in het aanstellingsbesluit;
zwangerschaps- en bevallingsverlof;
adoptieverlof;
een algemeen erkende feestdag;
zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 4:1, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg;
de uren besteed aan buitengewoon verlof, indien deze worden opgenomen voor invulling van werkzaamheden die overeenkomen met werkzaamheden die worden verricht binnen het desbetreffende beroep.
**4.** Voor het vaststellen van het aantal uren waarin de werkzaamheden zijn verricht door een ingeschrevene, die niet in loondienst werkzaam is, worden de uren meegerekend waarop de ingeschrevene gewoon is werkzaamheden te verrichten maar deze niet heeft verricht vanwege:
ziekte, doch dit per jaar tot een maximum van zesmaal het aantal uren dat de ingeschrevene gewoon is per week werkzaamheden te verrichten;
vakantie, doch dit per jaar tot een maximum van zesmaal het aantal uren dat de ingeschrevene gewoon is per week werkzaamheden te verrichten;
zwangerschaps- en bevallingsverlof;
adoptieverlof;
een algemeen erkende feestdag;
zeer bijzondere persoonlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 4:1, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg;
de uren besteed aan buitengewoon verlof, indien deze worden opgenomen voor invulling van werkzaamheden die overeenkomen met werkzaamheden die worden verricht binnen het desbetreffende beroep.
**5.** Als onderbreking van de werkzaamheden wordt beschouwd de periode die langer duurt dan zes weken waarin de ingeschrevene geen werkzaamheden verricht op het desbetreffende gebied van de beroepsuitoefening in de individuele gezondheidszorg.