In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • - a. Onze Minister: Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
  • - b. Raad: de Pensioen- en Uitkeringsraad, bedoeld in artikel 3;
  • - c. Sociale verzekeringsbank: de Sociale verzekeringsbank, genoemd in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
  • - d. Cliëntenraad: de Cliëntenraad verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen, genoemd in artikel 10;
  • - e. wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen: de Wet buitengewoon pensioen 1940–1945, de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet, de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945 en de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945;
  • - f. AOR: de Algemene Oorlogsongevallenregeling Indonesië met inbegrip van het besluit van de Luitenant-Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië van 5 november 1946 (Indisch Staatsblad 1946, 118).