Leden en plaatsvervangend leden van het Hof alsmede hun echtgenoten of geregistreerde partners en minderjarige kinderen voor zover zij met hen een gemeenschappelijke huishouding voeren, zijn van rechtswege toegelaten tot de landen. Aan de leden en plaatsvervangend leden van het Hof en hun echtgenoten of geregistreerde partners worden geen nadere voorwaarden gesteld voor de uitoefening van een beroep of het verrichten van arbeid.
Hoofdstuk 3
Artikel 38 Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie
Onderdeel van Rijkswet Gemeenschappelijk Hof van Justitie· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010
Bewaren kan ook zonder account
Houd art. 38 bij de hand
Met een gratis account kun je dit artikel bewaren, tekst markeren en jezelf overhoren. Dat werkt op je laptop en op je telefoon.
- Geen reclame
- Je markeringen blijven van jou
- Werkt op je telefoon