**1.** Onze Minister kan bepalen in welke gevallen en tot welke bedragen de leden van de Raad in verband met hun werkzaamheden voor de Raad recht hebben op andere toeslagen, vergoedingen of tegemoetkomingen dan bedoeld in de artikelen 3 en 4.
**2.** De vergoeding, bedoeld in het eerste lid, die de leden van de Raad ontvangen wordt gedragen door het land dat het betreffende lid heeft voorgesteld overeenkomstig artikel 7, eerste lid, van de rijkswet.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel 44 van de Rijkswet
Raad voor de rechtshandhaving in werking treedt. Treedt in werking om 00:00 uur in Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba en
om 06.00 uur in het Europese deel van het Koninkrijk.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Rijksbesluit rechtspositie leden Raad voor de rechtshandhaving· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010