**1.** Een tewerkstellingsvergunning voor de vreemdeling die arbeid verricht die noodzakelijk is ter voltooiing van zijn opleiding, kan voor maximaal een jaar worden verleend, zonder toepassing van artikel 5, vijfde lid, aanhef en onderdeel c, en artikel 8, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de wet.
**2.** Bij de toepassing van het eerste lid legt de werkgever, in afwijking van artikel 4, aanhef en onderdeel a, de volgende bewijsstukken over:
een stageovereenkomst, waarin in ieder geval wordt geregeld:
de door de stagiaire te verrichten werkzaamheden;
de stagevergoeding;
een verklaring van de onderwijsinstelling, waaruit blijkt dat de stage noodzakelijk is voor de voltooiing van de opleiding.
**3.** Het aantal stagiaires bedraagt per bedrijf:
indien het personeelsbestand bestaat uit minder dan 10 personen: niet meer dan één persoon;
indien het personeelsbestand bestaat uit tien of meer personen: maximaal 10% van het totale personeelsbestand, waarbij voor deze berekening het personeelsbestand naar beneden wordt afgerond op het dichtstbijzijnde hele tiental personeelsleden.
**4.** In afwijking van artikel 10, aanhef en onderdeel c, dient de werkgever aan de vreemdeling een stagevergoeding te betalen van minimaal 50% van het bruto minimumloon, genoemd in artikel 9 van de Wet minimumlonen BES, na aftrek van de daarop in te houden loonheffing.
Treedt in werking op het tijdstip waarop artikel I, tweede lid, van de
Rijkswet wijziging Statuut in verband met de opheffing van de Nederlandse
Antillen in werking treedt.
§ 6
Artikel 15
Artikel 15
Onderdeel van Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010