De houder mag zijn recht van regres op de endossanten, de trekker en de andere wisselschuldenaren uitoefenen:

Op de vervaldag;

indien de betaling niet heeft plaats gehad;

Zelfs vóór de vervaldag;

  • - 1°. indien de acceptatie geheel of gedeeltelijk is geweigerd;
  • - 2°. in geval van faillissement van de betrokkene, al of niet acceptant, en van het ogenblik af, waarop een hem verleende surséance van betaling is ingegaan;
  • - 3°. in geval van faillissement van de trekker van een niet voor acceptatie vatbare wisselbrief.